Bron: FAW


Brief dd maandag 26 november,toegeschreven aan Mevr E.A, Weerts-Wentholt (1740-1820) aan haar man

Verklaring:
  • H (regel 11 en 170): Waarschijnlijk med. docter Heylegers
  • Menasier (regel 44): verbastering van menageer . Hier bedoeld als zuinig regelen van de huishouding
  • dekke bier = zwak bier (Twents dialect)
  • Regel 66 t/m 84 gaan waarschijnlijk over de afhandeling van een deel van de erfenis tussen briefschrijfster en haar oudere suster (zie inleiding bij de index) In de met opzet omslachtig geformuleerde zin bedoeld ze zich zelf met "de jongste dochter" Wat "hoc hamer" of "hoe hamer" betekent weet ik niet.
  • Anker wijn. Klein vat wijn van 35-39 liter (circa 45 flessen)
  • Wesel is de plaats waar veel Patriotten gevangen gezet zijn.


    
    1	                                Den 26 november	   
    	                                           1787	   
    		   
    	Ik had gehoopt vandaag een brief van uw te 	   
    5	ontfangen dog die kan nog koomen. Wij sijn allen 	   
    	thans weer redelijk wel, dog ik heb een 	   
    	quaad oog, en sukkelen seer met hooftpijn 	   
    	dat mij niet wel komt, nu mijn  heerschap  	   
    	van huis is. De ou[t]ste dogter is weer beter 	   
    10	en den kleynen ook. Die heeft egter nog so een deurgang.	   
    	Dog H[eyleggers] seyt dat sulks goed is. Nu mijn heerschap 	   
    	so veel heren en dames heeft gesproken 	   
    	sal hij ook wel veel nieuws, dat hier so omgaat, 	   
    	hooren. Sie, ik sitte niet in den raad, en na de 	   
    15	markt ga ik niet. Veelen sijn ook bange daar 	   
    	te gaan. Men heeft er geen vrede. Ik spreek 	   
    	even so eens dese of gene buurvrouw, en dan 	   
    	nog so dese en gene goede kennis. Wilt 	   
    	hier nu uit opmaken  dat ik so wat vrouwe-	   
    20	praatjes hoor, dog die sijn al dikwijls waar. 	   
    	Ook twijfel ik niet of het is uw aangenaam so 	   
    	wat uit verre landen te hooren dat mijn 	   
    	goede vrint daar sijn derde dogter so lief is. Dat 	   
    	is mij ook seer aangenaam en 't is goed dat	   
    25	U e[dele] dat pakje hebt gesonden. De twe[e]de dogter 	   
    	is ook heel wel, en so voort verder alles op 	   
    	uw goeden vrient sijn heerlijkheid +. Ik heb van-	   
    	daag daar nog Elieser na toe gehad. Sie wij 	   
    	moeten de saken  so wat met malkanderen	   
    30	overleggen. De gekogte kooey eet niet brect dog 	   
    	sedert 2 dagen wat beter. Geloof dat den heerschap 	   
    	haar te sterve gevoert had. De bomen sijn gedekt.	   
    		   
    	+) paarden sijn in de stad	   
    		   
    	                                                           blz. 2	   
    		   
    35	Ik sende uw weer volgens orders, een [pond]  tabak , 	   
    	1/2 [pond the[e], 1 [pond] snuf, wat grauw erreten, die om 	   
    	10 uur opgehangen met gragte water, dat je rontom 	   
    	uw casteel hebt lopen, om 1 uur als boter so gaar sijn. Dese 	   
    	portie is voor 2 maal. Excellent braatvet daar bij.	   
    40	Als ik verlof kan krijgen, want je weet niet half 	   
    	hoe het hier sit, dan sal ik over de vorst bij mijn 	   
    	heerschap eens over komen loopen want 	   
    	je begrijpt ook wel dat menheer met mij sal moeten 	   
    	afrekenen. Ik menasier, so veel als mogelijk is 	   
    45	en segge niet dikwijls legt wat aan en schenkt eens 	   
    	in. Siet dat laatste soude een meyd ook niet passen. 	   
    	Ik sal als mijn baas het wil hebben een 1/4 dekke bier 	   
    	inleggen. Ik ben wat schraal van gestel en ik word 	   
    	op de hand niet vetter, so als je kunt denken, van alle de sch[r]ik.	   
    50	So mijn heerschap of de ou[t]ste jonge wat mankeert 	   
    	so van linnen of somtijts voor de heerschap die groene 	   
    	overrok of witte jas, of iets anders, meld het mij en 	   
    	sent mij het vuile linnen en dat sluitmantje weer. 	   
    	Want wete niet langer waar ik het in sal senden. 	   
    55	Dat die heer op dat grote huis so vriendelijk is moet 	   
    	uw alleraangenaamst wesen en so nu en dan eens 	   
    	iemant te sien. Uw mans kok begint goed te 	   
    	kooken, sal eens vest na een dienst om hooren 	   
    	want dat sal je op den duur dog verveelen. Ook is 	   
    60	het kostbaar. Mijn heerschap sal wel doen 	   
    	mij eens te melden of alles wel goed overkomt 	   
    	en sonder dat nieuwsgierige luiden daar eens 	   
    	in snuffelen so se kunnen. 	   
    		   
    	                                                        blz. 3	   
    		   
    	Ik sal moeten eyndigen en even wel wilde 	   
    65	ik uw nog wel een bootschap over maken. 	   
    	Ge weet dat W[e]ntholt zall[iger] daar omstreeks goed 	   
    	heeft liggen nu is mij versogt door de 	   
    	jongste dogter, hoc hamer heet se ook nu 	   
    	dat is het selvde, je weet wie ik mene, om 	   
    70	eens met uwen getrouwen W.B. op te nemen 	   
    	hoe ver sig een leen onder een plaats, weet niet 	   
    	beter of heet Sieberink, sig uitgestrekt. In de taxaties	   
    	is het magtig uitgestrekt en den overledenen	   
    	heeft dat langs het huis met vrugtbomen 	   
    75	afgebaakt en hij noemt het in de notule van 't test[ament]	   
    	de Zaleweert onder Sieberink en een Camp het 	   
    	Ralant genaamt. Wilt nu eens naspeueren 	   
    	hoe groot dat wel is. De taxatie is ontfangen. 	   
    	Kan die ook spoedig gecopiert worden ? Dog 	   
    80	durft nu niet te wagen die te senden, om dat er 	   
    	vet etc. in dit kistje is. Sende uw een lijs[t]je 	   
    	van de parceelen.	   
    	                  wilt dat dan aan 	   
    	Arent Jansens eens laten sien. 	   
    85	Men spreekt hier al dat het hier so niet 	   
    	kan gaan. Daar sijn 4 gecommitteerdens na 	   
    	den Haag om over de ampten te spreeken, 	   
    	en de goedkeuring daarover te vragen. Sij sijn 	   
    	het niet eens met de eerste classe en die willen 	   
    90	Haag weg hebben, of sij bedanken selvs. 	   
    	Men seyd woensdag voor de societeyt sal geillumineert 	   
    	worden, met alle de decoratien daarbij met naam 	   
    	en toenaam. Hoe onvoorzichtig is het gehandelt om so-	   
    		   
    	                                                           blz. 4	   
    		   
    	doende de gemoederen weer op te hitsen tegen een. Moge 	   
    95	God geven dat woensdag sonder pl[underen] mogt 	   
    	afloopen. Ik weet niet of ik iets  sal bergen of niet 	   
    	voor die tijt. God geve mij in het harte wat ik 	   
    	doen sal. Ja ik wensten wel dat mijn heerschap 	   
    	selvs thuis was, dog vooreerst was het nog niet 	   
    100	raatsaam. V-- en B. groeten niet. Nu ik ben ook 	   
    	maar een meyd en gene van die sinjeurs als de 	   
    	"Coning van Cam[pe]n" sijn buurman B--- 	   
    	en so voort, aller inpartinents. Dog sij tonen dat sij 	   
    	slegt sijn opgebragt. 	   
    105	In Holland is twe[e]derlij partij, een voor de prins 	   
    	een voor de princes, de eersten is zo men seyd	   
    	met de Patr[iotten] en de laatste met de arist[ocraten]. 	   
    	De bisschop van Munster wil de Pruissen niet 	   
    	door sijn lant laten passeeren. In Munsterlant  	   
    110	worden, ik weet niet hoeveel duisent man 	   
    	gewapent. En te Emmerik worden magasijnen opgerigt. 	   
    	Te Ryssel word een Frans regiment van Hollan[d]se 	   
    	officieren opgerigt. Den oudsten Heer van Hoe---r 	   
    	was versogt om ook daar heen te gaan, 	   
    115	Men segt dat de ampten vast sullen vergeven 	   
    	worden. Dan wil het hier niet lukken.	   
    	Ik durf niet meer aan de pen vertrouwen, ook 	   
    	sijn het saken daar ik geen verstant van heb.	   
    	Seemsmaker sit nog. Men seyde hij saterdag 	   
    120	soude gegeeselt worden dog dat is nog niet 	   
    	gebeurd. O god komt ons arme mensen te 	   
    	hulp, waar wil het heen. De 4 jongste out burgers 	   
    	op Bonier na hebben een resolutie thuis gekregen 	   
    	.. sterke uitdrukkingen om te seggen waar het 	   
    125	kruit en lont is gebleven dat van Zwol is gekomen.	   
    		   
    	                                          blz. 5	   
    		   
    	Die Heeren sullen onaangenaamheeden hebben.	   
    	Als ook die denk ik die de acte van verbintenis 	   
    	hebben ondertekent. Dog voor die tijt kan er 	   
    	verandering koomen. Uw goeden vrient hoort	   
    130	nu so niets van dat er beraamt word. Morgen 	   
    	Landag. God wat weet, wat sterke maatregels 	   
    	er genomen sullen worden. Want se moeten 	   
    	nu nog schielik de saken in 't sement setten. 	   
    	Dit heerschap hoor ik al so vertellen. 	   
    135	So hoorde ik ook laa[t]st seggen dat de Patriotten 	   
    	alles maar so leden. 	   
    	Uw goeden vrient moest iemand hebben die 	   
    	hem nog so eens wat raporteerde. Want daar 	   
    	kunnen raatslagen, sijn die hem min of meer 	   
    140	raken.	   
    	In Utregt, en Amsterdam sit het scheef, so 	   
    	als mij door een goed vrient wierd voorgelesen.	   
    	Wie het was is mij al vergeten, ik ben kort 	   
    	van memorie. In die grote stad willen sij andre	   
    145	regenten hebben.	   
    	Nu ik moet eyndigen "mijne juffrouw" groet	   
    	uw hartelijk, en sal als de tijdsomstandig-	   
    	heden het toelaat, eens komen en helpen 	   
    	uw samen wat.	   
    150	Daar is al een antwoord door die "Camper	   
    	vrouw" aan de heer W. geschreven sij heeft 	   
    	se mij open gestuurt om haar susters consideraten	   
    	daar over te hooren seggen. Se was goed hoor ik. Heb se van desen 	   
    	middag weg gesonden. Nu mijn goede heer ik 	   
    155	sende uw, uw allerbeste broek. Juffrouw hoopt 	   
    	dat se door --- sal gewaart worden. Ik weet niet 	   
    		   
    	                                 blz.6	   
    		   
    	of je wel alles so ontfangt je moet mij 	   
    	sulks melden. Ten eerste sende ik uw varkens-	   
    	ribbetjes. Die sal Sinterklaas brengen. 	   
    160	Ik schrijf nog al vrolijk je kent het spreekwoort. 	   
    	M----  B. mine  d' Avrouer denkt men dat eerlang 	   
    	los sal komen. Capelle eet nu met hem en 	   
    	die mag nu door Wesel wandelen.	   
    	Nu baas ik moet eyndigen. Ik sal uwe orders 	   
    165	frequenteeren. De groetenis van alle naastbestaanden 	   
    	en van Elieser. En de Snijder had ik haast geset.	   
    	Die lieve jonge heb ik uit juff[rouws] naam de dienst opesegt.	   
    	Ik heb nog geen cammeraad, sal een oud getrouw 	   
    	mens moeten sien te krijgen. 	   
    170	Die van Campen doen uw groeten daarb[ij] .  H. is 200 g[u]l[den] 	   
    	afgenomen. Adieu mijn Heerschap sijd goden 	   
    	aanbevolen. ik stollestere om een visken met 	   
    	onse juff[rouw]. Soude dat wel lusten. Sij is so lustjans. Nu sij 	   
    	eet bijna niets en het is haast niet weert dat	   
    175	men de tafel dekt. Tot aan den hals toe vol 	   
    	so ben ik ook. Verheuge mij dat so niet bent met 	   
    	uw gast, die [ik] ook hartelijke groete. 	   
    		   
    	Acodeert dog met W.B. want sal anders groote 	   
    	[re]keningen ma[k]en. Ik sal uw een anker wijn	   
    	van ten B. stuuren, als je het wilt hebben 	   
    	antwoord hier op. 	 
    
    

    <<< Terug <<<



    home.deds.nl/~hdebie45/Genea